De zaak speelt bij het KLM-onderdeel Engineering and Maintenance (5000 werknemers). Het bedrijf wil een tijdsregistratiesysteem invoeren waardoor het doen en laten van medewerkers precies te volgen is, via internet. In één hangar gebeurt dat al sinds de jaren negentig, en 80 procent van de werknemers werkt daar vrijwillig aan mee.
Maar de groepsondernemingsraad weigert ermee in te stemmen. Ook nadat KLM de zaak verder heeft toegelicht en een gedragscode heeft voorgesteld met maatregelen die misbruik (bij beoordelingen) moeten tegengaan. Vervolgens is de zaak aan de bedrijfscommissie voorgelegd en hebben partijen, op aanraden van de bc, een mediationprocedure doorlopen. Ook dat leverde niets op, en nu moet de rechter uitmaken wiens belang het zwaarst weegt.
De rechter overweegt ten eerste dat het bedoelde systeem overal ter wereld wordt gebruikt, ook bij grote concurrenten van KLM. Zijn tweede overweging is dat de or handelt uit angst tegen misbruik. De kantonrechter ontkent niet dat die mogelijkheid bestaat, maar hij vindt dat het bedrijf voldoende zijn best heeft gedaan om die angst weg te nemen, met garanties die in rechte afdwingbaar zijn. Die garanties gaan niet zo ver dat gegevens worden geanonimiseerd, maar dat vindt de kantonrechter geen bezwaar. Controle op naleving is noodzakelijk.
Rechtbank Amsterdam (Kantonrechter, 16 juni 2008)
Bernard van Lammeren
Meer interessante en relevante jurisprudentie vindt u in Rechtspraak voor Medezeggenschap.












